» » VDKC13001 – Fetish

VDKC13001 – Fetish

9,5023,00 Incl. BTW

‘Fetish’ – Vlaams Sinfonietta

Note:

Flac file: 192 kHz. 24 Bit. 1.543,807 Mb.
Flac file: 96 kHz. 24 Bit. 376,095 Mb.
Wav file: 44,1 kHz. 16 Bit. 595,015 Mb.
320 kbps. 44,1 kHz. 134,941 Mb.

 

Bepaal hieronder welk product u wenst:
Wis selectie
SKU: Niet beschikbaar Categorie:

Beschrijving

Fifth symphony “Fetish”

Een kamersymfonie voor sinfonietta (2009)

Fetish, geschreven in opdracht van Raf De Keninck, is een kamersymfonie, de vijfde symfonie al van Frank Nuyts. De ondertitel ‘Fetish’ verwijst naar Nuyts’ persoonlijke invulling van het genre: “Kamersymfonie, symfonie, sinfonietta… Waar ligt het wezenlijke verschil?”.  Volgens Nuyts heeft het in ieder geval te maken met een vormelijke, maar niet noodzakelijk intrinsieke beperking. Grootsheid met minder, als het ware. Maar waarom kiest iemand nu vrijwillig voor minder? Men zegt inderdaad wel eens dat de beperking de meester maakt. Maar volgens Nuyts’ ervaring resulteert ‘minder’ geregeld ook effectief in ‘minder’. Daarom zocht hij inspiratie in een situatie waar de beperking een positieve ervaring wordt.

Die vond hij ten slotte in de wereld van de fetish, waar men zich zowel moreel als lichamelijk moedwillig laat inbinden… Een gotisch decor met in zwarte latex pakken geklede figuren. Lange lederen vesten waarvan de slippen zwiepen in de wind. Een dergelijk denkbeeld wekte bij de componist een eerste idee. Met name een muzikale paradox: aan de ene kant loeiharde heavy metal drums en aan de andere een ensemble dat per definitie ver af staat van massieve sonoriteit. Een inspirerend probleem, waarmee hij zichzelf – naar eigen zeggen – mentaal in een latex pak hijste.

Voor elk deel van zijn kamersymfonie legde de componist zich een andere beperking op. Het werk start met een motto: een “quasi inerte, net geen pentatonische riedel”, aldus Nuyts. Het eerste deel bestaat louter uit unisoni, rudimentaire harmonie en een voortrazend tempo met soms mokerend slagwerk. In deel twee beperkt de harmonie zich tot de 24 grote en kleine tertsen, met daarop een vrije melodie. Deel drie is een waar scherzo, met een dynamiek die nergens minder dan ‘half luid’ gaat, gebonden in een strak ritme. Deel vier, met een sopraan solo op tekst van Boudewijn Buckinx, werd dan weer gestript van elke vorm van vast metrum of tempo. Een hyperrigide structuur is ten slotte het kenmerk van het vijfde en laatste deel. Een ritornello, bestaande uit niets anders dan een gerepeteerde drieklank, onderbreekt er systematisch een reeks duo’s.  Dit leidt het stuk naar zijn finale, waar de slagwerker nog eens alles uit de kast mag halen.

Het geheel klinkt uitbundig. Een ware uitdaging voor zowel de muzikanten als de dirigent. Ofte: het resultaat van de zevenmijlspassen van een componist in nauwe schoentjes…

Tineke De Meyer.

 

Innocence in admiration.

Een concerto voor piano en ensemble van Frank Nuyts (2008)

In 2008 kreeg Frank Nuyts de vraag van het Gentse conservatorium om een pianoconcerto te schrijven. Omdat geen enkel recent model hem kon bekoren, leek het erop dat hij ieder aspect van dit werk, van vorm tot noot, voor zichzelf zou moeten heruitvinden.

Het werk zou gecreëerd worden binnen een Amerikaans getint programma. Reden genoeg voor Nuyts om bij zijn ‘oude vriend’ John Cage ten rade te gaan:

“If something is boring after two minutes, try it for four. If still boring, then eight. Then sixteen. Eventually one discovers that it is not boring at all.” –J. Cage.

Dat idee van ‘16 and beyond’ leverde alvast het vormconcept op: 16 concertino’s, verbonden door een gradueel stijgende toonkern.

Inhoudelijke inspiratie vond Nuyts dan weer bij de comic strip. De solist als een superheld in tights met een bovenmenselijke gave. Die superheld verbond de componist dan weer met het concept van de übermensch van Nietzsche – naar analogie met Man and superman van George Bernard Shaw. Zo kreeg elk concertino een Nietzschiaans aforisme als motto.

Als volbloed postmodernist ontleende Nuyts het basisnotenmateriaal aan het genre zelf. De negentiende-eeuwse pianoconcerti met hun iconische klavieracrobatiek staan bol van de gebroken drieklanken. Die typerende techniek wordt in Innocence in admiration tot bouwsteen verheven, een typisch staaltje Nuytiaanse plantrekkerij waarbij muzikale clichés uit het verleden een nieuw leven krijgen. De al bij al gebalde textuur getuigt van de invloed van het concerto voor piano of klavecimbel van Manuel De Falla. De soms onstuimige solopartij voorkomt enerzijds dat de luisteraar kan wegzinken en verwijst anderzijds naar het essentieel percussieve karakter van de piano. Alleen op het einde lijken de drieklanken hun historiserend karakter waar te maken.

Qua instrumentatie werd bewust geopteerd voor een (zelfs vereenvoudigde) bezetting van een typisch Mozartiaans pianoconcerto: hobo, hoorn, fagot en strijkers. De toevoeging van slagwerk voorziet de solist nu en dan van een sparring partner. Een pronkzuchtig alleenheerser is hij dus allerminst.

 

Frank Nuyts,

geboren te Oostende in 1957. Studeert eerst slagwerk en kamermuziek aan het Koninklijk Muziekconservatorium van Gent  en daarna compositie aan het IPEM te Gent bij Lucien Goethals.

Zijn eerste werken schrijft hij in een post-seriële stijl. Hij wint in 1979 de Tenutoprijs voor compositie uitgeschreven door de BRT.  Vanaf Rastapasta voor solostrijkers en fluit uit ’86 sluit hij aan bij de postmoderne beweging en wordt zijn werk gekenmerkt door een postmoderne, neo-tonale toonspraak met invloeden uit de zogenaamde niet klassieke muziekgenres.

In ‘89 richt hij daarom samen met Iris De Blaere de groep Hardscore op, waarvoor hij 6 “Boeken” componeert (resulterend in de CD’s ‘Methane’, ‘Surf, wind and desire’ en ‘Monkey Trial’). Daarnaast schrijft hij ook nog composities voor klassieke bezettingen: losse orkestwerken, vijf symfonieën, 3 concerti (piano, marimba en cello); kameropera’s (‘Bekket’ voor Leporello,  ‘Middle East’ voor LOD, (Prijs Nieuwe Muziek Provincie Oost-Vlaanderen 2011) ‘Tongval’ en ‘Paternel’ voor vzw Hardscore. Eveneens pianosonates (waarvan nummer 12 tem 18 in opdracht de Muziekcentrum de Bijloke) en vocaal werk (oa voor de Australische Songcompany).

Hij doceert momenteel compositie en orkestratie aan de School of Arts Gent. Samen met Iris De Blaere oprichter van het Voorwaarts Maart/En Avant Mars festival voor het Muziekcentrum De Bijloke.

Extra informatie

Gewicht Niet beschikbaar
EAN

8718801170014

Aantal cd's

1

Aantal dvd's

1 (interview Frank Nuyts)

Opname locatie

Miry Concertzaal te Gent, België.

Opname datum

December 2012

Opname

Jeff Nuyttens

Editing

Johan Favoreel

Mastering

Jeff Nuyttens

Producer

Paul van der Krieken

Totale speelduur

56:08

Video

Tomas Hendriks

Interview

Greet Samyn

Piano

Steinway & Sons

Afspeellijst

 

Il classico

 

"Il postmodernismo ha rappresentato e rappresenta tuttora un movimento musicale che mira a “recuperare”, in un certo senso, le tematiche e le prospettive del linguaggio tonale, sebbene rivisitato e adattato al tempo presente.
Tra coloro che aderiscono, ma non in modo totalizzante a questa visione dell’arte musicale c’è il compositore belga Frank Nuyts, autore di svariate opere, tra cui cinque sinfonie, quattro opere liriche e innumerevoli pagine dedicate alla musica pianistica e a quella cameristica. Ora, la neonata etichetta discografica belga Vanderkrieken Classics ha dedicato il suo primissimo disco a due composizioni di Nuyts, la quinta sinfonia, che porta il titolo di “Fetish”, e il concerto per pianoforte, intitolato “Innocence in admiration”, quest’ultimo eseguito da Erwin Deleux, e che vede anche la partecipazione del soprano Elise Caluwaerts (impegnata nella sinfonia) e del direttore Raf De Keninck, alla testa della Vlaams Sinfonietta, orchestra da camera specializzata in musica contemporanea. Nuyts ha studiato al conservatorio di Gand, diplomandosi in percussioni, strumenti che hanno una preminenza marcata nel corso della sinfonia (il titolo “Fetish”, come spiega lo stesso compositore, rimanda proprio al mondo promiscuo del “fetish”, al suo modo di intendere la sessualità, basata sul bondage e, in senso traslato, a come l’uomo contemporaneo si compiaccia di sentirsi spiritualmente e fisicamente legato, imprigionato). Suddivisa in cinque parti, questa sinfonia accumula una massa sonora che il compositore, plasma, di volta in volta, con blocchi orchestrali attraverso i quali si denota un’omogeneizzazione timbrica. Ma assai più coinvolgente e interessante è il concerto per pianoforte, in un solo tempo, opera più riuscita per via di un maggiore equilibrio formale e per le scelte timbriche scelte da Nuyts, pagina raffinata e assai ben eseguita dagli interpreti, così come, sia ben chiaro, lo è anche la pagina sinfonica. Semmai, una nota di grande merito va alla grande qualità tecnica della registrazione, seguita e curata da quel “mago” che è Paul van der Krieken, patron di un famoso studio di registrazione, capace di restituire in questo disco una naturalezza del suono come raramente si può ascoltare."

Andrea Bedetti

 

Luister

 

"De Vlaamse componist Frank Nuyts (1957) heeft stapels partituren op zijn naam staan, maar in Nederland kennen we hem (nog) niet. Dat zou zomaar kunnen veranderen want zijn muziek is toegankelijk, zit goed in elkaar, is uitstekend geïnstrumenteerd en houdt de luisteraar voortreffelijk bij de les.

Nuyts boetseert zijn taal uit een grabbelton van materialen, voornamelijk van twintigste-eeuwse afkomst. In de allereerste plaats Leonard Bernstein – wat heeft die man een enorme invloed gehad op het postmoderne componeren, na jaren van nauwelijks verholen vergruizing. Bernstein vergat nooit dat het luisterende publiek altijd de hoofdrol moet spelen. Vandaar zijn aanstekelijke ritmes, pakkende harmonieën en de clowneske mengeling van lach en traan. De muziek van Nuyts heeft er veel van opgestoken: ze barst van de energie, vooral door de leidende rol van het slagwerk (de instrumentalist Nuyts groeide ermee op).

Hier horen we de Vijfde symfonie ‘Fetish’ en het pianoconcert ‘Innocence in Admiration’. Wat opvalt is de spaarzame instrumentatie met strijkkwintet, vier houtblazers en drie koperblazers, harp, piano en een o zo belangrijke slagwerker, vijftien musici in totaal. Aan het klinkende resultaat hoor je dat niet af, wat voor een belangrijk deel te danken is aan de voortreffelijke opname."

Siebe Riedstra